Een ogenblik geduld a.u.b.

Beter worden door benchmarken

door Daniƫl van Geest

Met ruim 30.000 leerlingen op 67 scholen is de Rotterdamse stichting BOOR een groot schoolbestuur. Als combinatiebestuur omvat BOOR meerdere onderwijssoorten, zoals basis-, voortgezet en speciaal onderwijs. “In het algemeen is benchmarken voor een combinatiebestuur erg ingewikkeld. Denk hierbij aan  de toerekening van kosten, personele inzet en resultaten naar de verschillende onderwijssectoren binnen zo’n bestuur. Dus dat juist de Benchmark PO&VO hieraan aandacht geeft is een mooie stap vooruit,” stelt manager Financiën Erik de Graaf.

Per 1 mei is Renata Voss de nieuwe voorzitter van het college van bestuur (cvb) van BOOR. Voss is geen onbekende: zij is al ruim vier jaar lid van het cvb. Bovendien is ze lid van de bestuurlijke klankbordgroep van het benchmarkprogramma: “Ik ben een groot voorstander van een benchmark voor het funderend onderwijs. Eerder was ik  bestuurder in het MBO en heb daar gezien hoe het instrument van de mbo-benchmark een impuls heeft gegeven aan de ontwikkeling van de kwaliteit van het onderwijs en de doelmatigheid van de organisatie ervan. Ik verwacht dat de benchmark PO&VO dat effect ook in het funderend onderwijs teweeg zal brengen.” 

De Graaf is nu zo’n half jaar werkzaam voor BOOR: kwam hij in eerste instantie op interim-basis in dienst, al snel zag men in hem de manager Financiën. “Ik ben altijd al goed met cijfers en vind het nog leuk ook. Na de studie bedrijfseconomie ben ik mijn loopbaan bij het ministerie van Defensie gestart en sindsdien heb ik altijd het maatschappelijk belang gediend. Eerst in de zorgsector, vervolgens naar het mbo en nu sinds een half jaar het funderend onderwijs,” vertelt De Graaf.

Gesprek aangaan bij grote verschillen
In zijn ogen benchmark je op de eerste plaats om er beter van te worden. “Eigen gegevens bekijken in de tijd is altijd zinvol, maar je leert met name door die gegevens te vergelijken met die van vergelijkbare besturen. Dus in ons geval met grotere (combinatie)besturen, waar  net als bij BOOR  meerdere onderwijssoorten onder vallen. Het is met name interessant om niet alleen met één soortgelijk bestuur te vergelijken, maar met een gemiddelde van een groep vergelijkbare besturen.

Als er sprake is van grote verschillen dan willen we graag hierover het gesprek aangaan met de betreffende besturen.. Je moet namelijk afwijkingen bespreken en analyseren, voordat je kan concluderen of je het goed doet. De cijfers in de benchmark helpen daar zeker bij. De mogelijkheid om toelichting te geven  vind ik een waardevolle toevoeging om de context bij de cijfers te geven. En daar maken we goed gebruik van. Daarnaast kan duiding door onafhankelijke instanties en andere partijen meer inzicht bieden.”

Primair onderwijsproces
Wat het Rotterdams schoolbestuur betreft, is het naast het vergelijken van informatie over de onderwijsresultaten ook handig om informatie te kunnen benchmarken. De inrichting van de organisatie, zoals personele-, huisvestings- en financiële kengetallen, lenen zich hier goed voor

Ook het thema Overhead geeft waardevolle informatie over hoe je georganiseerd bent, hoe je je bedrijfsprocessen hebt ingericht en hoe zich dat verhoudt tot een vergelijkbaar bestuur. De Graaf: “Daar kun je lering uit trekken. Om duiding toe te lichtenis zinvol: waarom zijn die cijfers ogenschijnlijk beter of anders dan die van ons en wat kunnen wij ervan leren?”

Bij het thema Huisvesting zou volgens De Graaf een indicator die de energielasten aangeeft een waardevolle toevoeging zijn; vooral in deze tijd van stijgende energiekosten. “Als je dan bijvoorbeeld ziet dat een ander vergelijkbaar bestuur lagere lasten heeft, zou dat aanleiding geven om te kijken hoe je zelf je eigen lasten meer naar beneden kan brengen. Daarbij is natuurlijk ook hier van belang om de context weer te geven: hoe oud zijn je gebouwen en in hoeverre zijn ze geïsoleerd?”

ICT essentieel
Een thema dat wat De Graaf betreft hoe dan ook moet worden toegevoegd, is ICT. Zowel wat de randvoorwaarden (veiligheid en privacy) betreft, als het primair onderwijsproces (vaardige professionals, goede apparatuur, etc.). “Zo investeren we substantieel en fors in ICT en ben ik heel benieuwd hoe die kosten zich verhouden tot die van vergelijkbare besturen: een soort norm voor een minimale investering, omvang ICT-geschoold personeel, noem maar op. Kortom, een onderwerp waar je vandaag de dag simpelweg niet meer omheen kan.”